de kaart begint de vertragingstijd van de vleugel
bij het sluiten af te tellen.
•
Als de logica EP is geselecteerd, begint de vleugel
onmiddellijk de sluitingsbeweging, zonder op im-
pulsen te wachten, en begint de kaart, als vleugel
2 aanwezig is, de vertragingstijd van de vleugel bij
het sluiten af te tellen.
11.
Geef, nadat de gewenste vertragingstijd is verlopen,
een OPEN-impuls om vleugel 1 de sluitingsbeweging
te laten beginnen. Als vleugel 2 niet aanwezig is, bij
installaties met slechts een vleugel, zorgt de OPEN-
impuls die bij punt 10 is gegeven ervoor dat vleugel
1 rechtstreeks wordt gesloten.
12.
De vleugels 1 en 2 (indien aanwezig) stoppen zodra
ze de mechanische aanslag voor het sluiten hebben
bereikt.
Wacht tot de LD4 en LD5 doven, hetgeen betekent
13.
dat de SETUP-procedure is beëindigd.
Als, wanneer de SETUP-procedure is opgestart,
de vleugels bij punt 4 en 5 open in plaats van
dicht gaan, moeten de voedingskabels van de
motoren worden omgedraaid.
Met de HANDMATIGE SETUP zijn de vertraging-
sruimte en de vertragingen van de vleugel bij
het openen reeds vastgelegd door de kaart,
en kunnen niet worden gewijzigd. De vertraging
van de vleugel bij het sluiten en de pauzetijd
zijn daarentegen programmeerbaar tijdens de
zelflerende procedure.
7. INSTALLATIE ACCESSOIRES
MET BUSAANSLUITING
Deze kaart is voorzien van een BUS-circuit waarmee op
eenvoudige wijze een groot aantal, speciaal daarvoor
geprogrammeerde BUS-accessoires kan worden aan-
gesloten (bijv. tot 16 paar fotocellen), door slechts twee
kabels zonder polariteit te gebruiken.
Hieronder zijn de adressering en de opslag in het geheu-
gen van BUS-fotocellen beschreven.
Voor andere toekomstige accessoires, zie de specifieke
instructies daarvan.
7.1. ADRESSERING FOTOCELLEN MET
BUSAANSLUITING
•
Het is van belang dat aan de zender en de
ontvanger hetzelfde adres wordt gegeven.
•
Zorg ervoor dat er niet twee of meer paren
fotocellen zijn met hetzelfde adres.
•
Als er geen enkel BUS-accessoire wordt
gebruikt, laat dan de BUS-connector (J10
– fig. 1) vrij.
Er kunnen maximaal 16 paar BUS-fotocellen op de kaart
worden aangesloten.
De fotocellen zijn in groepen verdeeld:
Fotocellen voor opening:
Fotocellen voor sluiting:
Fotocellen voor opening/sluiting:
Fotocel die wordt gebruikt als OPEN-impuls:
In fig. 2 is een automatisch systeem weergegeven
met 2 vleugels, met aanduiding van het bereik van de
fotocellen:
A:
Fotocellen die ingrijpen tijdens OPENING en SLUI-
TING
B:
Fotocellen die ingrijpen tijdens OPENING
C:
Fotocellen die ingrijpen tijdens OPENING
D:
Fotocellen die ingrijpen tijdens SLUITING
In tab. 3 zijn de programmeringen van de dipschakelaars
binnenin de zender en de ontvanger van de BUS-foto-
cellen weergegeven.
Tab. 3 - Adressering fotocellen BUS
Dip1
Dip2
Dip3
OFF
OFF
OFF
OFF
OFF
OFF
OFF
OFF
ON
OFF
OFF
ON
OFF
ON
ON
OFF
ON
ON
ON
OFF
OFF
ON
OFF
OFF
ON
OFF
ON
ON
OFF
ON
ON
ON
OFF
ON
ON
OFF
ON
ON
ON
OFF
ON
OFF
OFF
ON
OFF
ON
ON
ON
7.2. OPSLAG IN GEHEUGEN ACCESSOIRES
MET BUSAANSLUITING
Op ieder willekeurig moment kunnen er BUS-fotocellen
max 6
aan de installatie worden toegevoegd, door ze sim-
max 7
pelweg op de kaart op de slaan door de volgende
max 2
procedure te volgen:
max 1
1.
Installeer en programmeer de accessoires met het
gewenste adres (zie par. 7.1).
2.
Schakel de stroomtoevoer naar de kaart uit.
Sluit de twee kabels van de accessoires aan op het
3.
rode klemmenbord J10 (ongeacht de polariteit).
4.
Schakel de voeding naar de kaart in, en zorg er
daarbij voor dat eerst de hoofdvoeding wordt aan-
gesloten (uitgang transformator) en vervolgens de
eventuele batterijen.
5.
Druk snel een keer op de knop SW1 (SETUP) om de
zelflerende procedure uit te voeren. De led BUS zal
45
Dip4
Ref.
Type
OFF
ON
OFF
B - C
OPENING
ON
OFF
ON
OFF
ON
OFF
ON
D
SLUITING
OFF
ON
OFF
OFF
OPENING en
A
SLUITING
ON
ON
/
OPEN-IMPULS
Fig. 2
Fig. 2