Descargar Imprimir esta página

Wireless (Wlan) > Basic Wireless Settings (Standaardinstellingen Wlan) - Cisco Linksys WRT610N Guía De Instalación Rápida

Ocultar thumbs Ver también para Linksys WRT610N:

Publicidad

Hoofdstuk 3
Interface
Deze interface geeft aan of het IP-adres van het doel-
LAN zich op het LAN & Wireless (LAN en WLAN) - Ethernet
en draadloze netwerken - of op het WAN (internet) bevindt.
Klik op Show Routing Table (Routingtabel weergeven) als u
de reeds ingestelde statische routes wilt weergeven.
Routingtabel
Routingtabel
U ziet van elke route het IP-adres van het doel-LAN, het
subnetmasker, de gateway en de interface. Klik op Refresh
(Vernieuwen) om de gegevens te vernieuwen. Klik op
Close (Sluiten) om dit scherm af te sluiten.
Klik op Save Settings (Instellingen opslaan) om de wijzigingen
door te voeren of klik op Cancel Changes (Wijzigingen
annuleren) om de wijzigingen te annuleren.
Wireless (WLAN) > Basic Wireless Settings
(Standaardinstellingen WLAN)
In dit scherm kunt u de standaardinstellingen voor draadloze
netwerken opgeven.
Er zijn twee manieren om de draadloze netwerken van de router
te configureren: handmatig en met Wi-Fi Protected Setup.
Wi-Fi Protected Setup is een functie waarmee u uw
draadloze netwerk op eenvoudige wijze kunt instellen. Als
u clientapparaten, zoals een WLAN-adapter, hebt die Wi-Fi
Protected Setup ondersteunen, kunt u Wi-Fi Protected Setup
gebruiken.
Simultane netwerken
Voor meer draadloze bandbreedte kan de router twee simultane
maar aparte Wireless-N netwerken maken, één met behulp van
de Wireless-N 5 GHz-band en één met behulp van de Wireless-N
2,4 GHz-band. U kunt Wi-Fi Protected Setup gebruiken om
eenvoudig met beide netwerken verbinding te maken en deze te
configureren (raadpleeg Wi-Fi Protected Setup, op pagina 14),
of u kunt de router handmatig configureren.
Als u handmatige configuratie gebruikt, stelt u elk netwerk in
met het volgende:
Unieke netwerknaam (SSID)
Instellingen voor WLAN-beveiliging (raadpleeg WLAN-
beveiliging (5 GHz of 2,4 GHz) op pagina 15)
Kies welke computers en andere draadloze apparaten
verbinding moeten maken met welk netwerk. Wireless-N
apparaten ondersteunen zowel de 5 GHz- als 2,4 GHz-banden,
dus deze kunnen op zowel het 5 GHz- als het 2,4 GHz-netwerk
worden aangesloten. Wireless-G en Wireless-B apparaten
ondersteunen alleen de 2,4 GHz-band, dus deze moeten op het
Simultaneous Dual-Band Wireless-N Gigabit-router
Geavanceerde configuratie
2,4 GHz-netwerk worden aangesloten. Wireless-A apparaten
ondersteunen alleen de 5 GHz-band, dus deze moeten op het
5 GHz-netwerk worden aangesloten.
Configureer voor het 5 GHz-netwerk alle computers en andere
draadloze apparaten met dezelfde 5 GHz-netwerknaam (SSID)
en draadloze beveiligingsinstellingen. Configureer voor het
2,4 GHz-netwerk alle computers en andere draadloze apparaten
met dezelfde 2,4 GHz-netwerknaam (SSID) en draadloze
beveiligingsinstellingen.
OPMERKING:
zorg ervoor dat elk netwerk een eigen
netwerknaam (SSID) gebruikt.
Wireless (WLAN) > Basic Wireless Settings (Standaardinstellingen WLAN)
Configuration View
(Configuratieweergave) Selecteer Manual
(Handmatig) om uw draadloze netwerken handmatig te
configureren. Ga verder naar het gedeelte Draadloze configuratie
(Handmatig). Selecteer Wi-Fi Protected Setup als u Wi-Fi
Protected Setup wilt gebruiken. Ga verder met Wi-Fi Protected
Setup op pagina 14.
Draadloze configuratie (Handmatig)
Als u Configuration View (Configuratieweergave) instelt op
Manual (Handmatig), worden in het scherm Basic Wireless
Settings (Standaardinstellingen WLAN) de volgende velden
weergegeven.
Draadloze instellingen voor 5 GHz of 2,4 GHz
Dezelfde instellingen zijn beschikbaar voor de 5 GHz- en 2,4 GHz-
radiobanden. De draadloze instellingen voor 5 GHz stellen
een netwerk in die gebruikt maakt van de 5 GHz-band en de
draadloze instellingen voor 2,4 GHz stellen een netwerk in
die gebruikt maakt van de 2,4 GHz-band.
Network Mode (5 GHz)
(Netwerkmodus (5 GHz)) Selecteer
de draadloze standaarden die in uw 5 GHz-netwerk worden
uitgevoerd. Gebruik de standaardinstelling Mixed (Gemengd)
als u zowel Wireless-A als Wireless-N (5 GHz) apparaten in uw
netwerk hebt. Selecteer Wireless-A Only (Alleen Wireless-A) als
u alleen Wireless-A apparaten hebt. Selecteer Wireless-N Only
(Alleen Wireless-N) als u alleen Wireless-N (5 GHz) apparaten
hebt. Selecteer Disabled (Uitgeschakeld) als u geen Wireless-A
en geen Wireless-N (5 GHz) apparaten in uw netwerk hebt.
13

Publicidad

loading