Nederlands
6
BESCHRIJVING VAN DE BEDIENINGEN
6.1
Bedieningen
Op het apparaat zijn de volgende bedieningen aanwezig:
• Hoofdschakelaar
• Bedieningspaneel
6.1.1 Hoofdschakelaar
Wanneer de machine aangesloten is op het elektriciteitsnet en
de alpolige schakelaar in de stand "I" staat, kunnen de volgende
situaties ontstaan wanneer de hoofdschakelaar wordt omgezet:
• Met de hoofdschakelaar in de stand "0" is het
bedieningspaneel uit.
• Met de hoofdschakelaar in de stand "I" is het
bedieningspaneel aan.
Wanneer
hoofdschakelaar
stand "0" staat, garandeert
dat niet de afwezigheid van
stroom in de machine.
82
Voor
onderhoudsingrepen
binnenkant van de machine, dient
de machine van het elektriciteitsnet
te worden losgekoppeld door de
alpolige schakelaar in de stand "0"
te zetten.
6.1.2 Bedieningspaneel
Het bedieningspaneel bestaat uit een aanraakgevoelig
toetsenbord en een display dat de berichten weergeeft
tijdens de normale werking, de programmering en het
onderhoud.
De functie van sommige toetsen
verandert wanneer de fase
(gewone
programmeerfase) waarin het
apparaat zich bevindt verandert.
de
in
de
alle
reinigings-
aan
afgiftefase
of
de
of